Wet Onafhankelijk Netbeheer
Waarom wordt het beheer over het hoogspanningsnet bij ons ondergebracht?
Hoe is de Wet Onafhankelijk netbeheer tot stand gekomen?
Over welke netten krijgen wij het beheer?
Wat vinden wij ervan dat wij de transportnetten gaan beheren?
Waarom willen wij graag het eigendom hebben over de transportnetten?
Hoe pakken we de overdracht van het beheer aan?
Wat zijn de gevolgen voor onze organisatie?
Waarom wordt het beheer over het hoogspanningsnet bij ons ondergebracht?
De belangrijkste reden om het beheer over het hoogspanningsnet bij ons onder te brengen is dat de betrouwbaarheid van de stroomvoorziening voor de toekomst moet worden veiliggesteld. De netten van 110 kV en hoger vormen de ruggengraat van de Nederlandse elektriciteitsvoorziening. Storingen of onregelmatigheden in het transportnet kunnen zeer ingrijpende gevolgen hebben voor organisaties en particulieren. Gelukkig komt dit in Nederland slechts zelden voor. De vraag naar transport neemt echter steeds verder toe. Dit komt ten eerste doordat er steeds meer elektriciteit wordt verbruikt en ten tweede doordat de afstand tussen productie en verbruikers groter wordt als gevolg van internationale marktwerking. Het beheer van nu moet dus klaar zijn voor de ontwikkelingen van morgen. Met het oog op de toekomst heeft onafhankelijk onderzoeksinstituut KEMA bevestigd dat beheer in één hand in alle opzichten de voorkeur verdient. Het is betrouwbaar, efficiënt en kostenverlagend voor de netbeheerders. Bovendien is onafhankelijk toezicht beter mogelijk
Hoe is de Wet Onafhankelijk netbeheer tot stand gekomen?
In 2004 kwam voormalig minister Brinkhorst van Economische Zaken met een wetsontwerp waarin hij voorstelde de energiebedrijven te splitsen in enerzijds een handels- en productiepoot en anderzijds een distributie- en transportpoot. Ook stelde hij voor dat de regionale energiebedrijven het beheer van het 110- en 150 kV-net zouden overdragen aan de beheerder van het landelijk hoogspanningsnet. Dit wetsvoorstel heeft uiteindelijk geleid tot de Wet Onafhankelijk Netbeheer (WON) die de Eerste Kamer in november 2006 heeft bekrachtigd. Als gevolg van deze wet zijn wij vanaf 1 januari 2008 verantwoordelijk voor het beheer van alle transportnetten in Nederland vanaf 110 kV. De netten lager dan 110 kV blijven onder het beheer van de energiebedrijven.
De WON bepaalt tevens dat alle netbeheerders vanaf 1 juli 2008, zogeheten vette netbeheerders moeten zijn. Dit betekent dat zij voor het beheer volwaardige organisaties dienen in te richten en niet alle taken meer kunnen uitbesteden. Voor wat betreft de splitsing van de energiebedrijven in handel en productie enerzijds en distributie en transport anderzijds geldt, dat die bepalingen wel zijn aangenomen, maar niet in werking zijn getreden. Overigens is er wel een motie Doek/Sylvester aangenomen waarin wordt gesteld dat de splitsing alsnog van kracht wordt als de energiebedrijven initiatieven in het buitenland ondernemen.
Over welke netten krijgen wij het beheer?
De hoogspanningsnetten die wij beheren zijn transportnetten. De transportnetten zijn de slagaders van het elektriciteitsnet, die grote hoeveelheden elektriciteit transporteren. Op dit net zijn veel elektriciteitscentrales aangesloten die elektriciteit produceren, maar ook de grootverbruikers die grote hoeveelheden afnemen, zoals bijvoorbeeld Corus. Het transportnet voldoet qua opbouw en samenhang aan hoge eisen om ervoor te zorgen dat de betrouwbaarheid van de stroomvoorziening optimaal is.
Het transportnet kent vele aftakkingen naar distributienetten die de elektriciteit uiteindelijk afleveren bij de eindgebruikers. Deze netten blijven in beheer van de netbedrijven.
Wat vinden wij ervan dat wij de transportnetten gaan beheren?
Wij hanteren bij het inrichten en het beheer van de transportnetten een hoge norm: alle netten voor 100% storingsvrij. Om te kunnen voldoen aan deze hoge norm is het voor ons van groot belang om de verantwoordelijkheid te krijgen voor het beheer van alle transportnetten vanaf 110 kV. Op dit moment sluiten bepaalde regionale netten niet goed op elkaar aan, waardoor de kans op een stroomonderbreking groter wordt. Wij benaderen het transportnet niet vanuit een regionale invalshoek, maar vanuit een breder (inter)nationaal perspectief. Hierdoor kan gerichter worden geïnvesteerd in een landelijk transportnet waarbij alle lijnen vanaf 110 kV geheel storingsvrij zijn. Ook wordt het makkelijker om toezicht te houden op de kwaliteit van het netontwerp en -beheer.
De verantwoordelijkheid voor het beheer past ook in de strategie die wij in 2003 hebben ingezet: versterken en bouwen. Het doel van deze strategie is om één sterk onafhankelijk landelijk transportnet te realiseren, dit verder te ontwikkelen en de kwaliteit ervan te bewaken. De integratie van Transportnet Zuid-Holland (TZH) in 2003 was daartoe een eerste stap. Met de overdracht van het beheer van alle transportnetten kan er een volgende stap gezet worden op weg naar één landelijk transportnet. Daarbij concentreren wij ons op het regelen van het beheer conform de WON. Door de WON wordt de vorming van één sterk, efficiënt landelijk transportnet als onderdeel van een Noordwest Europees transportnet mogelijk.
Waarom willen wij graag het eigendom hebben over de transportnetten?
Door de WON voeren wij vanaf 1 januari 2008 alle operationele taken en investeringsbeslissingen over de transportnetten uit. De energiebedrijven blijven eigenaar van hun transportnetten en ontvangen daarvoor een kapitaalvergoeding. Er zijn energiebedrijven die er de voorkeur aan geven de netten geheel, dus inclusief het eigendom, aan ons over te dragen. Dat past ook in onze strategische doelen. Met het oog op de betrouwbaarheid, de kosten en de efficiëntie heeft het sterk de voorkeur om de investeringen en de exploitatie van alle transportnetten op een eenduidige manier te aan te sturen. Dat is beter te realiseren als eigendom en beheer in één hand zijn. Er ontstaat bovendien de gewenste duidelijkheid naar alle betrokken partijen: politiek, eigenaren, toezichthouders, werknemers en leveranciers.
Hoe pakken we de overdracht van het beheer aan?
Uitgangspunt voor alle partijen zijn de bepalingen van de WON. Voor een optimale overdracht conform de WON is nauw samenwerken met de netbedrijven (RNB’s) van belang. Dit is niet alleen noodzakelijk voor de continuïteit van de stroomvoorziening, maar ook voor de motivatie van de medewerkers en het behoud van kennis en ervaring voor de gehele sector. Wij zijn vanaf begin 2007 met ieder van de vier netbedrijven (Eneco Netwerkbeheer, Continuon Netbeheer, Delta Netwerkbedrijf, Essent Netwerk) om de tafel gaan zitten om de overdracht van het beheer vorm en inhoud te geven. Dit zal stapsgewijs en zorgvuldig gebeuren met inbouw van een soort overgangsfase.
Hoewel de verantwoordelijkheid voor het beheer sinds 1 januari 2008 bij ons ligt, kost de daadwerkelijke overdracht van het beheer nog veel tijd. Met de netbedrijven worden afspraken gemaakt volgens welke stappen deze overdracht wordt ingevuld. Voor de uitvoerende taken zullen gedurende een overgangsperiode dienstverleningsovereenkomsten tussen ons en de netwerkbedrijven worden opgesteld. Wij besteden uitvoerende taken zoveel mogelijk uit. Afhankelijk van de gemaakte afspraken kunnen de exacte aanpak en fasering per netbedrijf verschillen.
Wat zijn de gevolgen voor onze organisatie?
Met de overdracht van de transportnetten vanaf 110 kV zal de hoeveelheid transportlijnen en – kabels onder het beheer van TenneT ongeveer worden verdriedubbeld van ca 3.000 naar ca 9.000 km. Het aantal stations neemt toe van 49 naar 267. De bijbehorende zaken als gebouwen, systemen en dergelijke komen daar nog bij. Verder zullen er ca 200 medewerkers van Essent en Nuon bij ons in dienst komen.


